De finish van de Giro di Kika is nog maar een week geleden, maar het voelt al zoveel langer geleden. De afgelopen week had ik gevoel mezelf te willen verstoppen onder mijn dekbed. Waar anderen gelijk na afloop euforisch rond liepen en spraken van een ‘fantastische ervaring’ en ‘trots’, liep ik verdoofd rond. Intens was voor mij het enige woord dat de lading dekte. Zo intens dat ik erdoor onder mijn dekbed wilde kruipen en niet in staat was iets te schrijven, al helemaal niet over de Giro di Kika. Voor mij betekende dat dat er is mis was, dat ik ‘emotioneel verstopt’ was, want schrijven is mijn uitlaatklep. Tot ik gisteren de wond bekeek die ik veroorzaakt werd door mijn val op de Zoncolan. Een dag daarvoor was deze wond nog twee keer zo groot. Ik verwonderde me over de snelheid waarmee mijn lijf zich kan herstellen. Ineens voelde ik me enorm sterk en gezond en besefte ik dat het – hoe diep ik ook was gegaan – wel weer goed komt. Ik genees wel weer, fysiek en mentaal. Voor een deel van de kinderen waar ik voor heb gefietst is dat niet zo…

Retraite
Wie wil weten hoe de Giro di Kika van dag tot dag verlopen is moet ik teleurstellen. Ook degenen die op zoek zijn naar prachtige verhalen over het idyllische landschap en de reusachtige bergpassen zijn aan het verkeerde adres. De Giro di Kika was voor mij één grote aaneensluiting van eten, slapen, eten, fietsen. Eat, sleep, bike, repeat, meer niet. Ja, ik fietste langs bijzondere plekken, over bijzondere wegen, maar ik fietste bijna altijd door. Waar andere deelnemers tijd hadden voor cappuccino’s, biertjes en foto’s was het voor mij vooral fietsen, fietsen en nog eens fietsen om op tijd te zijn voor het volgende checkpoint. In het begin van de week grapte ik nog dat al die mensen die op ‘retraite’ gaan, een week lang heel ´mindful´ doen om weer ´zen´ te worden, beter de Giro di Kika kunnen gaan fietsen. Alles waar je je druk om maakt verdwijnt op het moment dat je gemiddeld 150 kilometer en meerdere bergpassen in één dag over moet op de fiets. Alles wat dan nog telt is het volgende checkpoint, de volgende bergtop of soms slechts de volgende bocht.

Dichterbij de hemel kom je niet
Toch was het een bijzondere week. Ik fietste namelijk voor kinderen met kanker en juist op de zware momenten voelde ik me intens met dit doel verbonden. Wanneer ik bevangen door de hitte probeerde een berg te overleven en veranderde in een schim van mezelf. Blijven ademen, zolang mogelijk door gaan. Vaker met een gespannen koppie dan met een lach. Regelmatig was er iemand die zei dat het goed ging en dat ik door moest gaan. En dan ging ik weer door, ook al wist ik dat het helemaal niet zo goed ging.

Op de Passo Pordoi, de een-na-laatste beklimming van de Giro di Kika, werd het uiteindelijk te zwaar. Tijdens mijn val op de Zoncolan heb ik waarschijnlijk mijn stuur in mijn maag gehad, waardoor mijn buikspieren de dag erna op volle spanning stonden. Dan besef je pas hoe hard je je bovenlijf nodig hebt om je benen rond te laten draaien. De laatste zeven kilometer naar boven brak ik. Met een gemiddelde snelheid waar alleen een slak nog blij mee zou zijn, ging het bij scheuren in de weg en langs rijdend verkeer een paar keer maar net goed. Het was alsof ik er niet echt meer bij was.

Juist op dat moment voelde ik me zo verbonden met de zieke kinderen waar ik voor fietste. Ik mocht niet zeggen dat het zwaar was; deze kinderen hadden het immers echt zwaar. En juist zij gaan altijd door met een glimlach, juist zij waren ondanks alle pijn een steun voor hun omgeving. Maar hóe zwaar zouden zij het hebben, hoe zou het voor hen voelen om zo ziek te zijn? En hoe dichtbij zou dat komen bij het gevoel dat ik daar op die Pordoi had? Het kwam vast niet in de buurt van wat ik voelde, maar het bracht me wel dichterbij hen. In het filmpje van de eerste dag zegt één van de ouders van Sofie, een meisje van elf jaar oud dat vorig jaar na negen jaar strijden tegen kanker overleed, dat ze door het bereiken van de top van hoge bergen als de Stelvio het gevoel had dichterbij Sofie te komen. ‘Dichterbij de hemel kom je niet’. En dat gold ook voor mij daar op die Passo Pordoi. Een bijzondere ervaring.

Nog een keer
Hoewel het me tot vandaag niet lukte om mijn ervaring op te schrijven, dacht ik al vanaf de eerste kilometer na over wat ik zou schrijven. Dat verhaal veranderde natuurlijk in de loop van de week, maar de titel die dit blog moest krijgen bleef de hele week hetzelfde: ‘Dit doe ik nooit meer’. Een tocht zo zwaar dat zelfs een jaar lang keihard trainen niet voldoende bleek – al speelde mijn sportverleden, mijn gewicht en de stress in de periode voorafgaand aan de Giro di Kika ook een belangrijke rol – zal ik niet snel nog een keer doen. Daarnaast wil ik na drie jaar Tour for Life en nu dus één jaar Giro di Kika ook wel eens een ‘echte vakantie’. De route daarentegen fiets ik graag nog een keer, maar dan met meer tijd zodat ik ook echt kan genieten van al het moois dat ik onderweg tegenkom.

Op de laatste dag zei ik ook tegen Arthur van Lola Bikes & Coffee dat ik het nooit meer deed. Waarop hij – met zo’n uitdagende glinstering in zijn ogen zoals alleen Arthur dat kan – zei dat ze volgend jaar misschien nog wel een barista nodig hadden. Espresso’s maken bovenop de Stelvio… er ontstond toch weer een nieuw ‘vonkje’ binnenin mij. Mijn passie voor fietsen & koffie combineren en dan wél echt kunnen genieten van het uitzicht. Wie weet ga ik toch nog wel een keer mee…