Nog 215 dagen, 32 weken, 7 maanden. De Giro di Kika komt steeds dichterbij. Zo langzaam aan begint het toch wel spannend te worden. Ik heb namelijk nog amper getraind en ben zeker 5 kilo aangekomen. Werk aan de winkel dus. De knop moet om. Vandaag had ik een inspanningstest bij het Wattbike centrum in Amsterdam. Dit zou hét moment van de waarheid worden. Ik zou geconfronteerd worden met mijn slechte conditie. Vanaf nu moest het echt anders. Ik had mij voorgenomen om een serie met blogs te maken in de voorbereiding naar de Giro di Kika. Elke week een ander thema in mijn streven weer fitter te worden. Open kaart spelen met jullie, de lezers van mijn blogs, dat ging ik doen. Als stok achter de deur. Het liep alleen wat anders dan verwacht…

Na een mindere periode in  2013 heb ik het fietsen nooit meer echt goed op kunnen pakken. Af en toe had ik eens een goede maand, maar het grootste deel van het afgelopen jaar heb ik niet meer dan één keer per week getraind. Hoewel Chickfietst is ontstaan vanuit mijn passie voor het fietsen ben ik door de drukte eromheen juist minder gaan fietsen. Daar kwam nog bij dat ik slecht ga eten in tijden van stress. Regelmatig maak ik werkdagen van meer dan 12 uur, maar met wat het oplevert kan ik amper rondkomen. Ik leef mijn droom en zie een stijgende lijn in wat ik doe. Dus zet ik door. Mijn weegschaal vermijd ik in zulke periode, maar toen Erik van het Wattbike centrum me vroeg wat ik woog kon ik het hem precies vertellen. Ook kon ik hem vertellen dat dat op het randje van overgewicht zat. Met een lengte van 1.63 en een gewicht van 66 kilo heb ik nu dus een bmi van 25. Mijn vetpercentage was nog net goed omdat ik nu in de leeftijdscategorie 30-34 val. Met deze resultaten vreesde ik voor de inspanningstest. Toen ik net vijf maanden fietste trapte ik tijdens een test 295 watt, maar toen ik kort daarna drie maanden stil zat door de dystrofie was dat teruggelopen naar 220 watt. Voor vandaag verwachte ik niet heel veel meer. Het liep alleen dus anders dan verwacht…

Voordat ik begon met de test werd ik goed op de fiets gezet. De juiste zadelhoogte en de juiste afstand tussen zadel en stuur werden ingesteld. Dit was al een groot verschil ten opzichte van eerdere tests. Het zadel was ook gewoon lekker comfortabel en de fiets reed als een echte fiets, zonder vliegwiel. In het schermpje voor me zag ik mijn wattage, maar ook mijn traptechniek. Hoe beter ik actief door het ‘dode punt’ heen trapte, hoe ronder het figuurtje op mijn scherm. Ik nam nog een slokje van mijn hoestdrank en toen ging ik ervoor. Zoals ik al zei verwachtte ik iets meer dan 220 watt te trappen. Bij elke 20 watt die ik daar overheen ging groeide mijn vertrouwen. Het werd zwaarder en ik kreeg de neiging om te gaan stoempen. Maar door dat figuurtje dat ik eerder op mijn scherm had gezien lette ik bewust op mijn traptechniek. Zo verdeelde ik mijn energie beter en zou ik het langer volhouden. Of dat het verschil heeft gemaakt dat weet ik pas als ik alle testresultaten terug krijg van Erik, maar één ding is zeker: het komt goed met die Giro…

…Vandaag trapte ik namelijk maximaal 280 watt! Nu zeggen die wattages mij niet heel veel, maar ik weet van de test waarin ik 295 watt trapte dat ik toen in de top 3% van mijn leeftijdscategorie belandde. Toen had ik een specifiek vermogen van 4,91. Goed voor een elite renster, maar nog lang niet zo goed als Marianne Vos die een specifiek vermogen van 6,63 heeft. Nu kom ik uit op 4,24. Als ik nu net zo zwaar zou zijn als ten tijde van die eerste test dan zou dat 4,67 zijn. Vooral qua gewicht valt er nog heel wat te winnen dus! Hoewel ik er minder slecht voor sta dan verwacht, neem ik jullie de komende tijd toch mee in mijn voorbereiding om (nog) fit(ter) te worden voor Giro. Speerpunt nummer één wordt dus mijn gewicht. To be continued… #fitvoordegiro