‘Je moet meer pijn lijden’. Trainster en The Cycling Academy oprichtster Sheila Gemin is er glashelder over als ik haar bel over mijn trainingsvoortgang. Ik ben nog maar twee maanden verwijderd van de Giro di Kika en hoewel ik elke week zeker drie keer op de fiets zit, vraag ik me af of het allemaal wel goed doe. Na een winter vol met duurtrainingen onder begeleiding van Sheila moet ik het nu alleen doen. Ik weet dat ik nu korter en intensiever moet trainen, maar er zijn zoveel manieren om dat te doen dat ik het even niet meer weet. Met een hoofd vol vragen bel ik Sheila.

Eerder die week deed ik een tijdrittraining. Drie blokken van twintig minuten net onder mijn omslagpunt*. Mijn vriend had gezegd dat dit een goede intensieve training was, en als hij het met zijn jarenlange wedstrijdervaring zegt dan doe ik dat. Maar waar is het eigenlijk goed voor? ‘Om je lichaam te laten wennen aan zo lang fietsen in zo’n hoge hartslagzone, zoals bij het beklimmen van een berg’, zegt Sheila. Vervolgens vraagt ze wat nu mijn belangrijkste doel is. Kracht of snelheid? Ehhhhh….. Gelukkig weet ze zelf het antwoord: ‘Jouw benen zijn sterk genoeg, Kim, je moet leren meer pijn te lijden’. Ik stamel nog wat, maar ik weet dat ze gelijk heeft. De afgelopen weken heb ik best wel eens hard gefietst, maar als mijn benen zwaar werden van de pijn dan nam ik gas terug. Ik bleef in mijn comfort zone. En daar moet ik nu uit als ik nog sneller wil worden!

Pijn lijden. Door de verzuring heen. Juist. Dat doe je dus niet onder je omslagpunt. Ik moest eroverheen. In het verleden had ik voor de lol wel eens iets gedaan dat ik een sprinttraining noemde. Keihard aanzetten en dat wat doortrappen tot ik niet meer kon. De sprinttraining die Sheila voorstelde ging een stapje verder. Niet stoppen als ik niet meer kan, doorgaan! Een minuut alles geven en dan weer een minuut rust. En dat zo’n vijf tot zeven keer achter elkaar. Daarna tien minuten rustig fietsen met een lage hartslag en dan nog een keer, en nog een keer. Oef.

De dag erna staat de eerste sprinttraining al gepland. Ik probeer er nog onderuit te komen. Ja, maar ik ben nog een klein beetje moe… Is mijn ochtendpols wel laag genoeg… Morgen moet ik ook fietsen tijdens de fotoshoot voor Pedala…. ‘Gelukkig’ is mijn vriend er om mij een spreekwoordelijke schop onder mijn kont te geven. Wel eerst nog even rustig ontbijten. Half 10. Dan nog even mijn fiets poetsen. Half 11. Ik moet ook nog naar de fietsjuwelier voor een nieuw zadel. Half 12. Nu moet ik toch echt gaan. Stiekem vind ik het best spannend. Ga ik het wel volhouden? Is de route wel geschikt?

Na de eerste paar sprintjes keert de rust pas weer in mijn koppie. Geen rust voor mijn benen, die staan in brand. Al vliegjeshappend scheur ik langs de Vliet. Mijn hartslag stijgt al als de teller bij de 50 komt. 57, 58, 59 GO. Ik ga op mijn pedalen staan en zet aan. De snelheidsmeter vliegt naar de 38 kilometer per uur en mijn hartslag kruipt over het omslagpunt heen. Dit voelt goed. Zou ik nog even aan kunnen zetten tot over de 40? Weer een blik op mijn teller. Nog maar 20 seconden gesprint. Shit. Dit gaat lang duren. Ik blijf me concentreren op het alles geven. Niet terugzakken, blijven duwen en trekken met die pedalen en als het toch te makkelijk wordt een tandje erbij. 40 seconden. Nog even volhouden. Het snot druipt langzaam mijn neus uit en mijn mondhoeken maken allerlei rare bewegingen. 50 seconden. Een oerkreet. Ik ben er bijna. 57, 58, 59 en rust. In totaal 15 keer tel ik de secondes tot de minuut is afgelopen. Of was het toch maar 14 keer. Tijdens de laatste sprintjes komen de gekke bekken en de oerkreten steeds sneller.

Eenmaal thuis zet ik mijn rit snel op Strava. Als ik de pieken tel blijk ik toch gewoon netjes drie keer vijf sprintjes te hebben getrokken. En er wacht nog een verrassing: ik heb een QOM gescoord. Oeps…  Misschien ga ik dat pijn lijden toch nog wel een keer leuk vinden… ‘Pain is for cyclists’, toch? (zie nieuw herensieraad als je hier klikt).  Maar nu eerst: rust! Daar wordt je pas echt heel goed van 😉

*Het omslagpunt is het punt waarop je sneller gaat verzuren dan je lichaam kan verwerken. Dit punt kun je door middel van een maximaaltest laten bepalen, maar kan iets afwijken door je vorm van de dag.

Klik hier voor meer informatie over The Cycling Academy.